Hier ben ik weer met een financieel relaas, met dit jaar enkele bedenkingen bij het lezen van een strategienota over de Belgische Ontwikkelingssamenwerking in Middeninkomen landen en een verslag van de Wereldbank over de huidige situatie in Ecuador . Misschien neigen jullie nu deze bladzijden over te slaan, maar ik beloof jullie een hoopvol verslag te brengen over de Tapori-financies. Want, al zien jullie hieronder in het kader nog steeds cijfers in het rood, ik denk dat 2025 een keerpunt was inzake het financieel beheer van Tapori.
Wie dat wil kan het detail van het financieel verslag 2025 en de begroting 2026 bekijken hier op de website (paswoord op te vragen bij inge.debrouwere@gmail.com).
Over het algemeen kwamen in 2025 de interne uitgaven en inkomsten goed overeen met de begroting. Het verschil bij de tandarts en het tandartsmateriaal komt omdat de tandarts vorig jaar door familiale omstandigheden maar de helft van de voorziene tijd kon komen en daarom ook minder materiaal gebruikte. Onderwijl zijn we op zoek naar een tweede tandarts die enkele uren in Tapori wil komen werken. Er zijn ook enkele verschillen in het revalidatie-luik, bij de verloning van personeel voor individuele begeleiding, jongerenatelier en dagcentrum. Dat komt door enkele interne verschuivingen van onkosten die eigenlijk naar individuele begeleiding gaan (individuele ergotherapie, vroegbegeleiding) en die tevoren ingepland waren in de onkosten van de leefgroepjes.
In het detailverslag staat ook een nieuwe uitgavepost, in het vetjes en in het rood! Herinneren jullie je nog het verhaal van die openbare antiwitwasorganisatie waar we eigenlijk geen lid van hadden moeten zijn en moesten betalen om er weer uit te geraken? Welnu… blijkbaar overkwam dit ook nog heel veel andere civiele organisaties, die zich ook allemaal uitschreven. Maar dat zinde de overheid helemaal niet… en met een nieuwe verordening worden we nu verplicht ons in te schrijven bij een andere openbare instantie, de Superintendencia de Economia Popular y Solidaria! Het is een echt kat-en-muisspel met daarbovenop ook een ganse regelgeving over databescherming. En om er zeker van te zijn dat we dat allemaal goed doen, moeten we een externe controleur aanwerven… die natuurlijk ook betaald moet worden door… Tapori natuurlijk! Ongelooflijk hoe we aan banden gelegd worden, zoveel verplichtingen waar kleine burgerinitiatieven gewoon aan ten onder gaan… Gelukkig staan we met Tapori wel sterk in onze schoenen… maar toch… Pfff…
Opmerkingen, vragen en suggesties over het detailverslag mogen jullie ons natuurlijk altijd toesturen. Hier ga ik nu wat dieper in op de totale cijfers en zet die in de veranderende en uitdagende ecuadoraanse context.
Herinneren jullie je nog dat ik sinds twee jaar het been stijf houd over elk jaar 5000 usd minder uit België voor de dagelijkse werking van Tapori? Het geleidelijk afbouwen van deze hulp, die weliswaar nog vele jaren kan en mag aanhouden, zorgt voor een zachte dwang om andere financieringsbronnen te zoeken. Op een vergadering vroeg Miguel, één van onze jongste medewerkers in Tapori, plots: “Wat zal er gebeuren wanneer de hulp uit België er niet meer is?” De bezorgdheid die ik toen in zijn ogen zag, zette me aan tot die beslissing. “Beter met de zachte hand dan met een snoeischaar”, dacht ik toen, het project van Elisabeth in Tocachi indachtig. En al levert die beslissing nog niet direct het gewenste resultaat op, ze trekt iets nieuws op gang.
De rode cijfertjes in het kader tonen dat we ondanks alle inspanningen dit jaar toch 16.012 usd tekort. Dat bedrag bestaat voor het grootste deel uit de schuld die we al enkele jaren meeslepen. Toen we vroeger naar het einde van het jaar toe geld te kort kwamen om de lonen van december uit te betalen, kwam vaak op het laatste nippertje dan toch een extra overschrijving uit België. Maar toen ik het been stijf hield en er nog geen alternatieven waren, groeide het bedrag dat we tekortkwamen. Gelukkig wil dat niet zeggen dat we schulden hebben bij de bank. Maar we hebben wel schulden “in eigen zak”. De twee voorbije jaren werd datgene wat tekort is van de rekening “eindafrekeningen personeel” genomen. Op die rekening wordt elke maand het wettelijk verplicht bedrag gestort waar elke werknemer bij ontslag recht op heeft. Dat geld moet naderhand natuurlijk terug op die rekening komen. Maar nu wordt die nood “in eigen zak” gevoeld en groeien de inspanningen om die lenigen. Zo vielen in het voorbije jaar tijdens vergaderingen dikwijls de woorden besparen en inkomsten in natura.
De vergelijking van de begroting voor 2025 met de totale uitgaven toont dat we vorig jaar 13.457 usd minder uitgaven dan gepland. Dat is gelukkig niet omdat er minder gewerkt werd of omdat er minder projecten uitgevoerd werden. Maar er werd geld uitgespaard door actief op zoek naar mensen die ons wilden helpen met materialen die we dagelijks gebruiken en tevoren aankochten: wegwerphandschoenen, toiletpapier, materiaal voor tandvulling, spuitjes… Papier, inkt, verf, cement… En ook rijst, olie, bloem, groenten en fruit… En wanneer iemand een duur medisch onderzoek of behandeling nodig heeft, dan hielpen we vroeger dikwijls spontaan met een deel van het bedrag dat we schonken vanuit ons medisch fonds. Nu gaat de sociaal werkster eerst met de bredere familie op zoek hoe een deel van die kost of soms zelfs het totaalbedrag met de één of andere actie ingezameld of terugbetaald kan worden. En we schakelen ook meer studenten uit verschillende opleidingen in om onder begeleiding van hun docenten bepaalde opdrachten uit te voeren, zoals het opmaken van een digitale agenda, het maken filmpjes die via social media Tapori in de kijker zetten, het geven van bepaalde vormingen die door de overheid opgelegd worden… Zo komen we meer en meer “uit ons kot” en durven al eens mensen aanspreken om mee te helpen. Zo organiseerden we dit jaar voor de tweede keer een “inlevings-opendeurdag”. En Ximena en Carmita stelden Tapori voor tijdens de kerstbingo van de Britse Ambassade in Quito en we ontvingen begin dit jaar de opbrengst van hun tombola.
Eigenlijk zouden we op die “inbreng in natura” ook een bedrag moeten zetten en dat in het kader in het vakje “private inbreng van mensen in Ecuador, andere internationale donoren en lokale initiatieven” moeten invullen. Dat bedrag zou dan ook moeten opgeteld worden bij de totale uitgaven waardoor de rekensommen uiteindelijk wel op hetzelfde uitkomen. Maar al is die hulp in natura nog geen “structurele” ondersteuning, het is wel een teken van positieve verandering. Want “uit ons kot komen” helpt niet alleen om het financiële plaatje rond te krijgen. We creëren ook meer sociaal bewustzijn over de noden en over het sociaal beschermingsnet dat hier in Ecuador nog heel grote gaten heeft…
Het lezen en voorlezen van stukken uit de belgische strategienota en uit het verslag van de Wereldbank gaf ons een extra duwtje in de rug om meer financiële middelen en vooral ook sociale slagkracht in eigen huis te zoeken. Ik haal hier enkele ideeën uit die teksten aan:
“Ecuador heeft sinds 2000 vooruitgang geboekt in het verminderen van armoede dankzij economische ontwikkeling en behoort nu tot de groep van Middeninkomenslanden. Dat betekent onder andere dat het land zelf eigenlijk over voldoende financiële middelen beschikt om alle mensen die onder de armoedegrens leven, hier bovenop te tillen.”
Waarom zou “ontwikkelingssamenwerking” dan nog nodig zijn?
“Nochtans leeft ongeveer een kwart van de bevolking nog steeds in armoede. Dat komt onder andere omdat, ondanks een relatief lage werkloosheid, de kwaliteit van de werkgelegenheid vermindert, vooral voor de armste bevolkingsgroepen. Daarnaast leidt de kloof tussen onderwijs en de arbeidsmarkt tot lage productiviteit. Ondanks stijgende opleidingsniveaus blijven jongeren uit de armste bevolkingsgroepen blijven vastzitten in laagbetaalde jobs. Er is dringend behoefte aan structurele hervormingen in het onderwijs en in de arbeidsmarkt.” Een bewijs hiervan is de illegale migratie van jonge mensen, want “in Ecuador geraak je toch niet vooruit”.
“De nationale rijkdom moet herverdeeld worden en dat kan oa met de uitbouw van een goed sociaal netwerk en een rechtvaardig belastingssysteem. Maar de groeiende ongelijkheid tussen de rijkste en de armste laag van de bevolking toont dat de economische groei niet doorsijpelt naar alle lagen van de bevolking. De resterende onderontwikkeling in Middeninkomenslanden is grotendeels een probleem van kwetsbare, uitgesloten en achterop hinkende mensen.”
Dat zijn bijvoorbeeld mensen met een beperking of met een moeilijke chronische ziekte uit de onderlaag van de bevolking, net die mensen voor en met wie Tapori samenwerkt. “Het sociale vangnet van Ecuador mag dan al verbeterd zijn, voor die groep mensen blijven er enorme lacunes bestaan. Voor hen is het sociale vangnet inefficiënt door fragmentatie en overlapping van institutionele functies. En de grote informele sector bemoeilijkt de verdeling van uitkeringen en subsidies.”
Ongeveer de helft van de werkende ecuadoraanse bevolking werkt “informeel” en betalen geen belastingen. Het informatiesysteem draait vierkant en zit vol hiaten. Wie hulp nodig heeft, ziet door het administratieve bos de bomen niet. Maar wie via “ons kent ons” de weg kent, bekomt wat hem eigenlijk niet toebehoort.
“Hervormingen zijn nodig om de efficiëntie te verhogen, de toegang tot uitkeringen te verbeteren en de financiële duurzaamheid van het systeem te waarborgen. Middeninkomenslanden hebben duidelijk meer capaciteit om de eigen ontwikkelingsuitdagingen aan te pakken.”
Daar wringt op zijn mooist gezegd het schoentje… Want in diezelfde tekst staat ook het volgende:
“In veel Middeninkomenslanden lijkt er een tekort te zijn aan politieke en maatschappelijke bereidheid om iedere burgen te laten deelnemen in de toenemende welvaart. Er is ook onvoldoende emancipatie van burgers en hun belangenvereniging. En veel Middeninkomenslanden kampen met een democratisch deficit en worden geplaagd door corruptie.”
Voila, nu ben ik het niet die dat gezegd heeft. Het zijn de woorden van de experten van het belgisch Ministerie van Buitenlandse Zakenministerie en van de Wereldbank. En zo zorgen corruptie, onwil en onkunde er jammer genoeg nog altijd voor dat in het kader over de financies van Tapori het vakje “Ecuadoraanse overheid (subsidies, sociale beschermingsmaatregelen…)” nog steeds leeg blijft.
Maar het vakje “Private inbreng van mensen in Ecuador, andere internationale donoren, lokale initiatieven…” krijgt stilaan vorm en kleur! Het zijn die mensen die volgens de strategienota “goed geplaatst zijn om politieke en maatschappelijke uitsluiting en mensenrechtenschending aan de kaak te stellen”. En in diezelfde tekst luidt het ook dat “sterke niet-gouvernementele organisties de controle-, advies- en lobbyfuncties ten aanzien van de samenleving en van de overheid goed kunnen vervullen.”
Mogen we dan toch zonder stoefen zeggen dat we daar allemaal aan werken. Ons dagelijks reilen en zeilen, onze frustraties, resultaten, uitdagingen en dromen liggen helemaal vervat in strategienota’s en verslagen van de Wereldbank. Elke dag opnieuw proberen we al hun aanbevelingen in de praktijk om te zetten.
Dat kan alleen maar gebeuren dankzij de hulp van velen, ook van jullie. We zijn goed op weg, maar helemaal op eigen benen staan… dat zal nog even duren. Daarom zoveel dank voor alle hulp en vertrouwen, al zoveel jaren lang en nog altijd. Ook voor jullie zijn de woorden van dank die Carmita tijdens het ontbijt in Tapori voorlas en die jullie kunnen lezen in Wel en wee!
Inge
21 maart 2026, begin van de lente!
