Over een mooie traditie van een beetje “wel” bij “wee”
Ik had het in de vorige Vogel van Papier nog niet verteld, omdat we toen nog niet konden zeggen dat alles weer goed ging. Saulo was nog een beetje op de sukkeltoer door twee operaties die hij in februari en maart onderging en we wilden niet nodeloos verontrusten. Gelukkig mogen we nu zeggen dat hij heel goed hersteld is en ondertussen weer volledig in form optreedt met Jayac. Geen paniek dus.
Naar aanleiding van die operaties en vooral de herstelfaze achteraf, wil ik jullie vertellen over een mooie ecuadoraanse traditie die misschien meteen ook een goede suggestie is: Bij een ziekenbezoek nemen Ecuadoranen het volgende mee: een grote, pas geslachte en liefst zelf gekweekte maïskip waar je een goede versterkende kippenbouillonsoep van kan maken, of een karton met dertig eieren, of toostbrood of enkele pakken lichte beschuiten. Zachte verse kaas is ook goed. En fruit is natuurlijk ook altijd gepast: appels, peren, appelsienen, mandarijntjes, druiven… maar ook ananas, pitahaya, papaya, guanabana, chirimoya…
Nu moet je weten dat Saulo heel veel bezoek kreeg, van familie en vrienden… Op een bepaald moment zaten er wel tien kippen in ons diepvriezerke en stonden hier vijf kartons eieren (5 x 30 = 150!) eieren. Zo hebben we thuis en in Tapori weken lang geen kip, eieren, brood, kaas of fruit moeten kopen…
Deze traditie wordt ook in ere gehouden wanneer iemand overleden is. Wanneer mensen naar de wake gaan, brengen ze zakken rijst, suiker, aardappelen en havermout mee. Geen zakken van een kilogram, maar wel “una arroba”, dat is een vierde van “un quintal”… dus zakken van 12,5 kilogram. Enkele weken geleden overleed een nog jonge vrouw die al lange tijd naar Tapori kwam aan de gevolgen van een agressieve kanker. Enkele dagen na de begrafenis kwamen haar man en kinderen naar Tapori, en ze brachten veel zakken rijst, suiker, aardappelen en havermout mee. “Onze mama had ons op voorhand gezegd dat we niet mochten vergeten om jullie te bedanken. En jullie zullen de rijst en de suiker en aardappelen en havermout wel goed kunnen gebruiken”, zei haar dochter met tranen in de ogen…
Woensdag 25 maart: groeien en blijven groeien…
Vandaag zat totaal onverwacht Sofia met haar oma in de wachtzaal. Tussen 2015 en 2020 kwam ze vaak naar Tapori, eerst naar de consultatie en later ook naar de ateliers. Toen al had ze symptomen van hormonale afwijkingen, en het leren ging ook niet goed. Met heel veel moeite lukte het om een raadpleging bij de endocrinoloog van het openbaar ziekenhuis te krijgen. Hij bevestigde ons vermoeden dat er iets aan de hand was met haar hypofyse, een belangrijke klier in de hersenen die tal van hormonen produceert. En hij vroeg een ganse resem onderzoeken aan.
Maar toen brak de pandemie uit. En Sofia verhuisde met haar moeder naar een ander dorp, helemaal aan de andere kant van Quito. Op de dagen van de afspraken geraakte ze niet in het ziekenhuis en de opvolging werd volledig onderbroken. Ze bleef thuis bij haar moeder en ze hielp wat bij het zorgen voor haar zusje. Wij raakten het contact met haar kwijt. En zo gingen dagen, weken, maanden en jaren voorbij. Nu en dan vroegen we aan familieleden hoe het met haar ging. “Goed”, was steeds het antwoord.
Vandaag zat ze in de wachtzaal. Ze had zelf een nieuwe afspraak gemaakt, want haar rug doet zeer, en haar hoofd ook. Ze ziet niet goed en ze is heel groot, slungelig zou je zeggen. Sofia is nu 23 jaar oud, en sinds haar achttiende, de leeftijd waarop ieder van ons stopt met groeien, is zij nog 18 centimeter gegroeid!
We zijn weer van vooraf aan begonnen, met het aanvragen van een nieuw consult bij de endocrinoloog. Ivonne is deze keer meegegaan omdat Sofia zelf haar weg niet vindt. De dokter was heel kwaad en schreef met een zucht opnieuw alle voorschriftjes voor de onderzoeken.
Al bijna tien jaar geleden schreef ik naar de eerste endocrinoloog dat zij waarschijnlijk een erfelijke aandoening heeft. Want ook bij haar broers en bij enkele neven en nichten zien we tekens van een hormonale stoornis: de ene ontwikkelt veel te vroeg, de andere ontwikkelt pas heel laat of helemaal niet, en nog iemand anders “kan niet meer in de bus omdat hij zo groot is”. Leren is bij velen moeilijk en je kan er van borderline of lichte verstandelijke beperking spreken. Een kwetsbare familie die in de mallemolen van medische dienstverlening verloren loopt.
Ik hoop dat we deze keer met de nodige hulp en begeleiding nu wel vooruit geraken. Want blijven groeien is toch geen optie, he!
Zaterdag 28 maart: kantkloswerkjes
Herinneren jullie je nog dat in oktober 2024 Annie en Nadine naar Ecuador kwamen? En dat Annie in Tapori een basiscursus “kantklossen” gaf. Dat was iets helemaal “out of the box” waarvan we niet wisten waar het ons naartoe zou leiden. Eigenlijk was de voornaamste bedoeling gewoon eens iets helemaal anders doen, iets bijzonders… En verder zouden we wel zien. Nu zijn we anderhalf jaar verder en zie:
Annie bracht een heel mooi boek met patronen van kantklosmodellen uit, met als titel “Kleuren van Ecuador: Stropkant in magische kleuren van edelstenen en kristallen”. En de zestienjarige Marie Emilia, de dochter van Kathy, mijn collega huisarts in Tapori, klost naarstig en blij voort. Ongelooflijk hoe rap ze er mee weg was, en nog meer ongelooflijk hoe ze zelf verder probeert en leert, met heel mooie werkjes als resultaat. Blijkt dat ze voor een groter werkje onvoldoende klosjes had… en ze maakte er zelf… met houten barbecuespiesjes! Heel creatief en heel bekwaam… dat belooft!
Zo zie je maar dat een “gek idee” dan toch niet zo gek blijkt te zijn.
Maandag 6 april: klappen aan beide kanten…
In augustus 2025 keurde het Parlement in Ecuador de Wet inzake Sociale Transparantie goed. Die wet regelt de werking, controle en verantwoordingsplicht van alle sociale niet-gouvernementele organisaties of verenigingen zonder winstoogmerk, dus ook van Tapori.
Zoals de naam het zegt, zoekt men meer transparantie binnen de sociale organisaties en wil men het staatstoezicht versterken om onregelmatige kapitaalstromen te voorkomen, op te sporen en te controleren. Men wil ook de naleving van fiscale verplichtingen stimuleren, het beheer en de administratie van publieke goederen optimaliseren en een adequaat toezicht op strategische minerale hulpbronnen waarborgen.
Daarvoor worden alle ecuadoraanse NGO´s nu ondergebracht in de “Superintendencia de Economía Popular y Solidaria”, een soort FOD Financiën voor kleine ondernemingen en organisaties. Die SEPS deelt alle organisaties in volgens een laag, middelmatig of hoog risiconiveau, en deze classificatie bepaalt welke verplichtingen op de organisatie van toepassing zijn. Alle organisaties zijn verplicht periodieke rapporten in te dienen over hun inkomsten, uitgaven, projecten en donateurs, met bijzondere aandacht voor buitenlandse donateurs.
Vrij vertaald wil men het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en financiële misdrijven voorkomen door strengere eisen te stellen aan de traceerbaarheid van financiële transacties. En daarbij worden de meeste pijlen gericht op de drugstrafiek en de illegale handel in mineralen.
Op zich niets verkeerds, zou je denken… ware het niet dat het kind met het badwater weggegooid wordt. Zoals overal zullen ook binnen de sociale organisaties wel rotte appels zitten. Maar die lijken vaak ongelooflijk strategische kameleons te zijn die dan toch altijd hun weg wel vinden om kwaad te doen… En dat terwijl de wet nog maar eens een klop geeft aan veel kleine organisaties die goed werk leveren, maar kopje onder gaan door de druk van zoveel administratie en regelgeving. Want de nieuwe wet betekent nog meer tijd voor het opmaken van verslagen en nog meer onkosten, onder andere om de externe controleur die elke maand zijn handtekening moet zetten onder de rapporten te betalen…
Zoals jullie verder in deze nieuwsbrief lezen heeft men in België ook oren naar extra controlemechanismes op de werking van burgerinitiatieven. Zo krijgen we in Tapori onterecht en nodeloos klappen langs beide kanten. En dat doet zeer…
Maandag 6 april tot vrijdag 17 april: bezoek van Hilde Pitteljon
Ja!!! We kregen eindelijk nog eens bezoek. Daar kijken we de laatste tijd echt wel naar uit. Het feit dat onze president nu al meer dan twee jaar lang aanhoudt dat in Ecuador een “gewapend intern conflict tussen verschillende drugsbendes” aan de gang is en hij daarvoor keer voor keer de noodtoestand in verschillende provincies afkondigt, zorgt ervoor dat mensen liever wegblijven en andere rustiger oorden opzoeken… En dat voelen we. Tot voor de pandemie mochten we zo vaak zo veel mensen ontvangen, dikwijls wel meer dan vijftig mensen per jaar. Nu komen we niet eens aan tien, heel jammer en triest. Want zo deelt ook hier iedereen in de klappen, terwijl de onveiligheid zich voornamelijk concentreert in de gevangenissen en in het drugsmilieu. Daarbuiten, en dat is het overgrootste deel van Ecuador, gaat het leven zijn gewone gang en blijft Ecuador dat mooie diverse land waar je ’s morgens kan ontbijten aan de Stille Oceaan, ’s middags kan middagmalen met zicht op schitterende vulkanen in de Andes, en ’s avonds rustig kan indommelen onder de sterrenhemel van het Amazonewoud.
Maar ik ben weer aan het afdwalen. Op 6 april kwam Hilde Pitteljon voor de derde keer naar hier. In 2016 was de eerste kennismaking met Tapori en maakte zij met een vriendengroep van Dominiek Savio een schitterende reis door Ecuador, met de bus van Chuqui, de chauffeur van Jayac. In 2019 leerde Hilde samen met Marjolijn Vergote en Lien Vansteelant aan Tapori-teamleden en ouders de techniek om van karton volledig aangepaste en goedkope zitjes en staplanken te maken. Ook dat werd een heel mooie en nog steeds op prijs gestelde ervaring!
Ook dit derde verblijf werd een intensief werkbezoek. We werkten gedurende bijna twee weken aan de vormgeving van het project rond opleidingsprogramma’s over hulpmiddelen voor mobiliteit en ondersteunde communicatie en over sensibilisering hierrond bij de lokale bevolking en overheid. Wie niet goed mee is, vindt hierover meer informatie op pagina 12 van de vorige Vogel van Papier (maart 2026).
Het werden twee heel goed gevulde weken, met een heel boeiende uitwisseling van kennis en ervaring met de kernwerkgroep, met het ganse team, met ouders en enkele docenten van de openbare universiteit van Quito en van een lokale hogeschool, en met een andere vzw en dokters-specialisten. Er waren enkele heel mooie “rode draden” doorheen de gesprekken: Ouders kunnen als ervaringsdeskundigen veel meer betrokken worden in de therapie en begeleiding. En dat kan best van zo vroeg mogelijk, onder de vorm van thuisbegeleiding. We kunnen de planning van de activiteiten beter baseren op heel concrete kleine doelstellingen, om in “kleine stapje” vooruit te geraken, in de plaats van één grote theoretische doelstelling te formuleren. En getuigenissen van mensen zijn een krachtige motor voor sociale verandering. En ook nog: een vergadering moet gepland worden, met een agenda en timing…
Dat klinkt nu misschien wel allemaal logisch in vlaamse oren. Maar hier, in een andere context waar de therapeut diegene is die gestudeerd heeft en “het” dus weet, met ouders die van kleinsaf gewoon zijn om te luisteren en weinig of niets te vragen en die met hun kindje met een handicap na het ziekenhuis verloren lopen en niet begeleid worden, waar structuur en planning maar al te vaak aan het toeval en de spontane loop van de zaken overgelaten worden… Dat is een ander paar mouwen, iets wat je niet in één twee drie kan veranderen… Dat ervaarde Hilde zeker ook.
Nochtans, in “kleine stapjes”, langzaam vooruit en roeiend met de riemen die er zijn, en met het roer dat de boot in de juiste richting stuurt… geraken we er wel… Heel dikke merci, Hilde, voor al je inbreng. Het deed mij zelf ook zoveel deugd om samen met jou Tapori verder vorm te geven. Dankjewel ook voor jouw verhaal over je verblijf bij ons, dat we hier na Wel en Wee opnemen in de nieuwsbrief, mooi geïllustreerd met enkele foto’s.
Gelukkig was er ook een beetje tijd voor enkele kleine “sortietjes”, met een avondwandeling in het oude Quito die we afsloten met een canelazo en een empanada de morocho in een cafeetje, een daguitstapje richting Otavalo, een stevige wandeling op de Pichincha-vulkaan en een dineetje met zicht op het oude Quito. We hebben ervan genoten!
En nog even dit ter zijde: Ik stond tevoren nogal sceptisch tegenover alles wat met artificiële intelligentie te maken heeft. Maar de vertaal-app die Wilson tijdens de gesprekken en vergaderingen gebruikte werkte wonderlijk goed en chat-gpt lijkt toch goede samenvattingen te maken. Zo werden de logistieke taken van vertalen en samenvatten voor mij toch echt wel lichter.
Maar geen paniek hoor, het is niet dat ik daarmee nu het leren van talen onnuttig zou vinden of dat ik begrijpend lezen in de lagere school en het schrijven van verhandelingen zou schrappen. Dat zou pas helemaal in strijd zijn met mijn grieks-latijnse roots. Ik las de voorbije weken bij wijze van ontspanning na het doorworstelen van Middernachtskinderen van Salman Rushdie het boek Het Ultieme Geheim van Dan Brown. Het bleek een spaanse AI-vertaling te zijn waarbij de zinsbouw me keer voor keer uit het verhaal haalde… zo kunstmatig en bij wijlen ronduit slecht… Zo jammer! Bij wijze van rebellie koop ik nooit meer een boek van de uitgeverij Planeta!
Donderdag 16 april: een klein symposium dat veel voldoening gaf
Vandaag gebeurde er iets waar ik al lang naar uitkeek: Verschillende dokters-specialisten met wie we al lang samenwerken namen onze uitnodiging voor een symposium aan.
Tot nog toe werken we sinds jaar en dag met elk van hen afzonderlijk: met een kinderneuroloog, een geneticus, een oftalmoloog, een NKO-arts, een orthopedist, een kinderarts… Maar ik droom er al lang van dat kinderen met ingewikkelde, moelijk te omschrijven of zeldzame aandoeningen op één dag door verschillende artsen en therapeuten in Tapori gezien worden, waarna alle dokters hun bevindingen samenleggen en zo concrete stappen zetten in de diagnose en behandeling. Ook hier geldt immers het spreekwoord dat het geheel meer is dan de som van de delen. Samenwerken helpt ons op medisch vlak zoveel vooruit en die vorm van dienstverlening zou voor ouders een ware verlichting zijn in hun odyssee van almaar weg en weer van de ene naar de andere specialist en van het ene naar het andere onderzoek, waarbij ieder arts zijn deeltje bekijkt en de puzzelstukjes niet samengelegd worden.
Al die artsen samenbrengen was geen gemakkelijke klus. Maar het is gelukt. En eigenlijk was het grappig om te zien dat de meesten dokters elkaar eigenlijk kenden, maar van elkaar niet wisten dat ze met ons samenwerken.
Op het programma stonden een algemene voorstelling over de werking van Tapori, een korte rondleiding en de presentatie van een “lokaal profiel over handicap, vanuit medisch perspectief”.
Aan de hand van gegevens die we sinds jaar en dag bijhouden en aanvullen schetste ik een beeld over de mensen met een beperking die we door de jaren heen in Tapori zagen. Dat zijn ondertussen al meer dan 600 mensen. Ik ging in op oorzaken van handicap, op de aard en de graad van beperking en op het familiaal voorkomen van aandoeningen die tot beperking leiden.
Ik toonde ook een grafiek die duidelijk toont dat veel meer kinderen langer leven dan pakweg twintig of dertig jaar geleden het geval was. Voor het jaar 2000 waren de meeste kinderen die overleden zijn nog heel jong. In de loop van de jaren nam de leeftijd bij overlijden toe. Dat is het gevolg van betere medische zorg, zowel in het ziekenhuis als in de gezondheidscentra waar op acute momenten van ziekte beter voor de mensen gezorgd wordt. Maar de chronische dagdagelijkse zorg laat nog zoveel te wensen over. En dat lichtte ik toe met een dia met foto’s van allerlei ernstige afwijkingen die met goede chronische zorg vermeden hadden kunnen worden…
Ik had de tekst volledig uitgeschreven en om zenuwen en het kwijtspelen van mijn draad te vermijden, nam ik me de vrijheid om die voor te lezen, traag en duidelijk… iets wat men van mij niet gewoon is. ’t Was muisstil in de zaal…
Na de voorstelling kwam een boeiend gesprek op gang, met interessante en deugddoende opmerkingen: Zo zei Dr. Broz, de kinderneuroloog, dat ons werk een levend bewijs was van het feit dat huisartsen en dokters in de gezondheidscentra zoveel meer en beter werk zouden kunnen leveren. En Dr. Espin, de geneticus, zei dat hij zo blij was te zien dat na zoveel jaar de passie, om zien aan ’t vuur in de ogen, niet verminderde, integendeel.
Ook het aspect “preventie” kwam aan bod, want het profiel over handicap biedt inderdaad zoveel informatie over situaties die verkeerd lopen, situaties die we zoveel beter zouden kunnen aanpakken. En het voorstel om om de twee maand op zaterdag samen te komen, o.a. ook met enkele kinderartsen in opleiding, om in team bijzondere of moeilijke casussen te analyseren werd op tafel gelegd!
’t Was mooi om te zien hoe de gesprekken onder jong en oud, specialist, huisarts, therapeuten en opvoeders van Tapori zich ontsponnen… Niemand leek snel naar huis te willen gaan…
Ik denk dat iedereen vooraf echt wel nieuwsgierig was naar het waarom en hoe van de uitnodiging: Een symposium? In een gezondheidscentrum, ergens aan de rand van Quito, verweg van de grote ziekenhuizen en medische centra? Het was dan ook hartverwarmend en deugddoend te zien dat ze zo verrast waren met wat ze zagen en te horen kregen. Nu is het kwestie van het vuur warm te houden en de afspraken concreet in te vullen! Weer een stapje vooruit, en deze keer echt wel een heel deugddoend stapje vooruit!
Maandag 26 april: Ook in Ecuador zijn er cowboy-dokters!
Mens erger je niet… Vandaag kwam een jonge vrouw op consultatie. Ze had buikpijn en diarree, en ze had ook ’t zuur en last van jeuk en afscheiding. Veertien dagen geleden ging ze naar een andere dokter omdat ze pijn had bij het plassen.
Die dokter, een jonge kersverse arts, installeerde zijn raadpleging op de tweede verdieping van een huis in de hoofdstraat, boven een apotheek. Het commentaar deed de ronde dat de dokter heel goed moest zijn, want de mensen stonden er tot buiten in rij te wachten. Bovendien zou de raadpleging niets kosten. Hoezo niets?
Iemand vertelde: “Hij kijkt wat je hebt en dan geeft hij je het voorschrift en dat moet je halen bij de apotheker op het gelijkvloers, en dan ga je weer naar boven en de dokter spuit je de medicatie in. En om sterker te worden geeft hij ineens ook een serum met vitamines”.
De vrouw die voor me zat toonde me het voorschrift dat ze gekregen had… voor haar blaasontsteking. Ik viel bijna omver!
Alstublieft: drie verschillende antibiotica, onder andere één dat ik in mijn ganse huisartsencarriére nog nooit voorgeschreven hebben, ondermeer omwille van het gevaar voor een erge darmontsteking, en drie geneesmiddelen, verre van de lichtste, voor de pijn en de ontsteking! En dat allemaal voor een gewone blaasontsteking! In ’t schoon westvlaams zouden we zeggen: Een paardenmiddel waar je een koe mee kan doodslaan!
Dat madamke is nu wel van haar blaasontsteking af. Maar door al die medicatie is haar maag ontstoken, zijn alle goeie microben ook uit haar darmen verjaagd waardoor ze diarree heeft, en die schimmelinfectie… ja… ’t is feest voor de schimmels als alle bacteriën weg zijn!
Vreselijk… moest een pas afgestudeerde huisarts-in-opleiding in België zo’n voorschrift opstellen, dan zou zijn stagemeester het zeker horen donderen in Keulen. Jammer genoeg zien we hier nu langzamerhand werkelijkheid worden wat Kathy, mijn collega huisarts, enige tijd geleden zei: “Quito zal binnenkort overspoeld worden door jonge huisartsen en specialisten… jammer genoeg verre van altijd goeie dokters”.
In de voorbije jaren schoten private universiteiten hier als paddestoelen uit de grond en tegen betaling van 4000 a 7000 usd per semester, ben je na vijf jaar basisarts. Daarna nog een jaar stage en nog een jaar werken in een openbaar gezondheidscentrum, en je kan je eigen weg gaan. Als je daarna bijvoorbeeld kinderarts wil worden, dan kan dat ook, mits betaling van je postgraduaat natuurlijk. Kostenplaatje: ongeveer 50.000 usd. Verloning tijdens de opleiding: 0 usd. Van enige planning en controle van de kwaliteit van de opleiding is er weinig of geen sprake. Iedereen boert maar voort, naar godsvrucht en vermogen, zoals onze jonge dokter in Pomasqui…
Ik vrees dat hij ooit toch eens tegen de lamp zal lopen met zijn paardemiddel-voorschriften! En ik zou graag eens met hem gaan babbelen over zijn voorschrijfgedrag en manier van werken, benieuwd wat hij er zelf over vindt. Maar dan ben ik zeker een moeial. Hij is toch ook dokter, en wat hij doet heeft hij voorzeker wel van een andere cowboy-dokter geleerd. Misschien moet ik de foto van het voorschrift eens doorsturen naar de directeur van het openbaar gezondheidscentrum, of voorleggen aan het lokaal gezondheidscomité van Pomasqui. Maar dan ben ik niet alleen een moeial, maar ook een overdrager…
Ik blijf hier zitten met een steen in mijn maag… Misschien moet ik ook eens naar die dokter. Hij heeft daar zeker wel een paardenmiddel voor…
Vrijdag 8 mei: Nog een mooie engelen-naam
Weet je nog dat ik een vorige keer schreef over een jongeman die “Arcangel Roberth” heet? In het nederlands is dat Aartsengel Robert. Nu zijn engel-namen blijkbaar in opmars, want deze week vulde ik het medisch dossier in van ANGEL GABRIEL DAVID NOVA.
Die jongen heeft nu toch wel een heel bijzondere naam: Zijn voornamen doen aan kerstmis denken. Het was toch de Engel Gabriel die Maria vertelde dat ze zwanger was. En dan “David Nova”, twee achternamen die twee sterren samenbrengen: de Davidster van de joden en de ster van Betlehem die als een nova-ster plots heel helder aan de hemel stond en veel licht gaf.
Heel bijzonder… Als dat geen vredelievende naam is. Dat is nog eens iets anders dan Jan Debakker of Mieke Peeters, he!
Zaterdag 6 juni: Tarde de cuentos y chocolate
Vroeger, voor de pandemie, organiseerden Carmita en Ivonne elk jaar in de bibliotheek een “leesnacht”. Kinderen kwamen naar Tapori met een matrasje en een dekentje. Er werd voorgelezen, toneelstukjes werden gespeeld en griezelige verhalen werden verteld in het park, om daarna zelf een boekje te lezen en één voor één in slaap te vallen. Heleen en Soetkin introduceerden dat initiatief toen ze vele jaren geleden vrijwilligerswerk kwamen doen in Tapori.
Maar de pandemie en de toegenomen onveiligheid, of misschien beter het toegenomen onveiligheidsgevoel, gooien roet in het eten. Ook hier zijn ouders veel banger geworden. Kinderen spelen minder op straat en zijn na donker veilig in hun eigen huis. Carmita en Ivonne deden nog enkele keren een poging om de leesnacht in ere te houden. Maar dat lukte niet goed.
Tijd voor nieuwe ideeën dus en vandaag lanceerden ze een nieuw initiatief: “Tijd voor verhalen met chocomelk”. Deze namiddag kwamen ouders met hun kinderen naar Tapori en Carmita las verhalen voor. Ze luisterden naar enkele heel mooie liederen en zongen mee. En Samantha, een tenger heel lief meisje dat elke dag in Tapori haar huiswerk maakt, droeg een gedicht voor. Hoe lang is het geleden dat jullie dit nog eens deden? Voorlezen, luisteren, zingen, een gedicht voordragen…
Het werd een heel mooie namiddag, helemaal anders dan anders. En de chocomelk was lekker. Zo mogen er nog veel zaterdagen volgen…
Lezen en aanzetten tot lezen blijft één van mijn stokpaardjes. Wanneer ik ‘s avonds rond ben met de consultaties en met de deur open nog wat papierwerk in orde breng, dan is het altijd fijn om te horen hoe kinderen in de bibliotheek luidop leren lezen. Bij sommigen gaat het moeizaam vooruit. Bij anderen gaat het sneller. En voor Samantha is lezen een ware toevlucht geworden. Ze heeft een ernstige hartafwijking waardoor ze geen fysieke inspanningen kan doen. Maar ze verslindt boeken als geen ander. Dan kan ze dromen over prinsessen in grote kastelen en avonturen in verre landen. Ik vond dat ze met haar spitse neusje ook een beetje gelijkt op Pippi Langkous en ik gaf haar dat boek… Benieuwd wat ze ervan vindt!
Zelf las ik onlangs een heel mooi boekje van Jostein Gaarder: Door een spiegel, in raadselen. Dat gaat ook over een kind dat heel ziek is, even wit en doorschijnend als Samantha. Dat kind krijgt bezoek van een engel die Ariël heet. Eerst vertelt het kind aan Ariël hoe het is om mens te zijn. En dan legt Ariël uit hoe het is om een engel te zijn. Echt een bijzonder mooi en rustgevend verhaal over hoe we de wereld in het universum kunnen zien… Misschien moet ik dat boekje ook eens aan Samantha en haar mama geven, om het samen te lezen. Samantha heeft dan wel een stralende glimlach, ik zie ook altijd schrik en onrust in haar ogen…
Dinsdag 16 juni: Belgium, here we come!
Vandaag mochten Miguel en Ximena eindelijk naar de franse ambassade voor het interview in verband met hun visumaanvraag om naar België te mogen komen. Gezien België geen ambassade meer heeft in Ecuador, moeten alle aanvragen voor korte verblijven in België ingediend worden bij de franse ambassade.
De aandachtige lezer herinnert zich nu misschien dat ik in de vorige nieuwsbrief al over dat bezoek geschreven heb. Dat was toen gepland voor ergens eind mei of begin juni. Maar we zijn er nog altijd niet geraakt.
Om een lang verhaal kort te maken: Het inzamelen van alle documenten, in totaal een map met wel vijftig bladeren alstublieft, werd een ware processie van Echternach, met onder andere een vlaamse ambtenaar die graag de hond in het kegelspel was en met de staking bij B-post die ook nog eens stokken in de wielen stak. Hilde, misschien kan je alvast voor de volgende nieuwsbrief ook dat verhaal eens neerschrijven?
Vandaag mochten Ximena en Miguel dan eindelijk naar de franse ambassade voor het interview, een laatste stap in het ganse proces om te zien of mijn twee collega’s waardig en solvent genoeg zijn om voor 14 dagen naar België te komen en vooral ook om uit te pluizen of vooral Miguel, een jongeman van 29 jaar, ongehuwd en zonder kinderen, dan toch niet van plan zou zijn om in België achter te blijven…
Nu mag ik hier gelukkig eindigen met een positieve noot: Daarnet kreeg ik van Ximena een whatsapp-berichtje met een opgestoken duim: Ze mogen binnen 14 dagen hun paspoort afhalen, met hun visum erin.
Heel blij! Dat zal een heel verrijkende en intense ervaring worden! Belgium, here we come!
Inge
